Verslag over de lezing  “Braakballen”

 

Bij een lezing van Jan Kersten ben je al bij voorbaat verzekerd van een leerzame avond. Ik vind het dan ook onbegrijpelijk dat de opkomst zo minimaal is.

Jan en Riet zijn vaak in de natuur om mossen en planten te inventariseren.

Verder is Jan ook al jaren geïnteresseerd in vogels. Jan is door goed observeren bij zeer veel verschillende braakballen uitgekomen in de loop van tientallen jaren.

Hij heeft hier een mooie diareportage van gemaakt met dia’s van de bijbehorende  vogels en evt, biotoop.

Er is bijna geen boeken te vinden over de verschillende soorten braakballen . Jan heeft het allemaal in de loop van de jaren zelf ontdekt. Alleen  over uilenbraakballen is wat documentatiemateriaal te vinden.

 

Wat hebben we zoal gezien en gehoord?

IK wist niet dat er zo veel vogelsoorten braakballen  produceren.

Jan begon met de kleine insecten eters; zoals de roodborst en de spreeuwen die in hun braakballen veel schildjes van kleine kevertjes hebben zitten.

Deze kleine braakballen zijn bijna niet te vinden. Omdat ze snel uit elkaar vallen.

Alleen als je weet waar een nestje is en je ziet het vogeltje braken dan weet je zeker van welke vogel het  is.

Bij het IJsvogeltje kun je de braakballetjes soms in de buurt van zijn rustplaats vinden. Je herkent dit door verschillende witte poepstrepen op een muurtje of stuw .

Hierin zitten naast de onverteerbare visgraatjes ook de schildjes van waterinsecten.

Wat ik niet wist  is dat meeuwen ook plantaardig voedsel aten in de braakbal vond Jan  o.a. mais en grasresten.

Hierna volgden enkele kraaiachtigen.

Ze zijn niet kieskeurig en eten zowel planten, muizen als insecten. Verder zaten er kleine witte steentjes in de braakballen waarschijnlijk voor het vermalen van de planten en het is braakverwekkend.(ligt zwaar op de maag)

Ze hebben  een sterk maagzuur , zodat de meeste botjes verteerd zijn.

Een andere producent is de blauwe reiger.

Deze vogels zitten vaak aan de bosrand op stevige vrij hangende takken. Hieronder vind je  dan vaak bij mestplaatsen ook de braakballen liggen . Deze kunnen wel 12 cm lang zijn met een doorsnee van 3 cm

Wat zit daar zoal in? Naast de vis, vooral mol,muis, rat, planten, kikkers en kevers. Kortom erg gevarieerd.

Vervolgens kwamen de roofvogels aan bod.

Jan begon met de sperwer, dit is een fanatiek jager die verzot is op koolmees en ringmus. Ze plukken de prooi op de rustplaats. Hij komt verschillende keren terug

om zijn prooi op te eten.

De havik is groter en sterker en vangt regelmatig een houtduif. Hij  neemt zijn prooi mee naar een rustige eetplek en begint bij het borstbeen te eten.

De torenvalk eet vooral muizen en kevers. De braakballen zien er dan ook erg harig uit. De boomvalk is een erg snelle jager en eet vooral de gierzwaluw die hij in  de vlucht vangt.

Dan nog de uilen.

Het blijkt dat per soort de samenstelling  van de braakbal ook verschilt. Dit ligt aan  het voedsel die ze eten en de sterkte van het maagzuur

De braakballen van uilen kun je goed uitpluizen. Men legt dan alle botjes,  schedeltjes en kaakjes op een rij, zo wordt er gekeken welke  en hoeveel dieren gegeten zijn. Bij  de muizen is  het gebit een doorslaggevend kenmerk.

De ransuil eet vooral woelmuis deze heeft plooikiezen die nog in de kaakjes zitten.

De bosuil heeft meer resten van insecten  en kikkers

De kerkuil heeft  zwak maagzuur daarom zijn deze ballen erg leuk om uit te pluizen alle botjes zijn nog compleet en de ballen zijn goed te vinden bij de uilenkasten in de kerk. In tegenstelling tot  de  kerkuil is de velduil vooral overdag actief. En eet vooral woelmuis en aardmuis.

Tenslotte de vos.

Deze heeft geen braakbal, maar de poep lijkt veel op de vorm en inhoud van een braakbal. Enkele verschillen zijn  dat de vos grotere dieren kan vangen en opeten. De vos knauwt de botten stuk je vindt dan ook stukken bot. Terwijl vogels de botjes heel doorslikken.

Verder ligt de poep op een verhoging en soms midden op een pad terwijl een vogel vaak bij een boomstam of een weidepaaltje zijn braakbal uitspuugt.

Ik  vond het een leerzame avond en  het blijkt al weer dat je  echt de natuur in moet om de natuur te leren kennen.

 

Jolande Verbeek

 

 

 IVN afd. Geysteren/Venray